Klik op F11 voor groter beeld.



Rechtsklikken, muziek uit of aan

 

Water geven - Tips

 

Zelfs in het natte Nederland is uitdroging soms een probleem.
Zodat we wel gedwongen zijn water te geven.

Hier dus enige tips.

Planten sterven eerder door gebrek aan vocht dan door gebrek aan voedsel.

Ze hebben water nodig voor het oplossen en transporteren van de voedingsstoffen. Er is ook een duidelijk verband tussen de ontwikkeling van het wortelgestel en de hoeveelheid beschikbaar water.

Planten hebben krachtige gezonde wortels nodig om water op te kunnen nemen. Dergelijke planten zijn sterk. Ze kunnen tegen een stootje en hebben minder last van ziekten.

Een milieuvriendelijke tuinder zal spaarzaam water geven. 
Planten die overdag slap hangen in de felle zon, zien er 'smorgens vroeg - als de dauw op de bladeren ligt- vaak florissant uit. Het slap hangen van de planten is een methode om de verdamping te verminderen.

Zolang de planten dus alleen overdag bij felle zon slap hangen is er geen reden tot extra water geven.
Planten die maar klakkeloos water krijgen daarentegen zijn vaak veel kwetsbaarder en de gevoeligheid voor ziekten en plagen neemt toe.

Dus wat te doen:

Zorg dat het organisch stofgehalte in de bodem groot is. Dit verhoogt het watervasthoudende vermogen van de bodem. De planten beschikken dan makkelijker en langduriger over water.
Dus bemest met organische mest en ook door blad en plantresten te laten liggen verhoogt men het organisch stofgehalte.

Pas de beplanting aan bij de omstandigheden in uw tuin. Op een droge zandgrond horen geen planten die veel water nodig hebben. Planten die geschikt zijn voor droge grond kenmerken zich vaak door kleine blaadjes (tijm,)  stevig blad (brem)  of veel beharing (ezelsoor).

Zorg voor een losse bodemstructuur. Regenwater dringt er dan makkelijker in. Eventueel na betreding van de grond deze weer met de hark wat los maken.
Vooral kleigrond slaat gauw dicht na een regenbui.

Schoffel open stukken bij voorkeur na een regenbui, zodat het bovenlaagje van de grond loskomt van de ondergrond. Water uit de bodem trekt zo niet meer naar boven waar het zomaar verdampt.

Zorg voor een volledige bedekking van de grond. Zet planten zover uit elkaar dat ze als ze volgroeid zijn de bodem volledig bedekken. Compost, stro en hooi of afgemaaid gras zijn ook geschikte materialen om te bedekken.

Laat eventueel in het voorjaar de afgestorven delen van vaste planten tussen de planten liggen. 

Maar niet teveel. Want teveel bedekking geeft weer kans op ongedierte en slakken.

Heeft men open stukken grond in de siertuin, plant daar dan b.v. bodembedekkers.
In de schaduw onder struiken kan dat zijn klimop, kruipend zenegroen, kleine maagdenpalm en in de zon: tijm en vetplanten, zoals muurpeper en zacht vetkruid. 
Op vochtige plaatsen penningkruid.
Ze hebben niet alleen een vochtvasthoudende functie maar sluiten ook de grond af voor onkruiden.

Aardewerk potten verdampen veel water en onttrekken dan water aan de potgrond.
Ze voor gebruik in ieder geval een nacht in het water en zet er een andere pot omheen of gebruik potten met een geėmailleerde binnenkant.
Doe wat klei of bentoniet door de potgrond. Te koop in tuincentra.

Vang regenwater op in een ton en gebruik dat om te begieten.

Leg de composthoop op een beschaduwrijke plek aan. Deze droogt daardoor bijna nooit uit, bovendien komt dit het verteringsproces ten goede.

Wanneer moet U nu wel water geven:

Bij aanhoudende droogte. Let U dan op de grond. Indien deze op een diepte van 10 cm. nog vochtig is, is water geven niet nodig.

Na het zaaien kan de grond vrij droog zijn, gebruik dan altijd een gier met fijne straal of maak de zaaigeul van tevoren nat en dek af met droge grond.

Na poten of planten is het altijd goed om water te geven . De aarde zet zich dan goed om de wortels, die daardoor beter aanslaan. Dit geldt ook in de winter bij het planten van bomen.Bij droog weer ook het plantgat van tevoren reeds nat maken met water.

Indien U graszoden gebruikt voor de aanleg van een gazon moet U de zoden vochtig houden, totdat de wortels zijn vastgegroeid.

Sproeien doet men het liefst 's avonds of s'morgens vroeg. Het laatste is eigenlijk het beste zodat de planten overdag goed kunnen drogen, onder natte omstandigheden ontwikkelen zich snel schimmelsporen.

Als U gaat sproeien sproei dan lang achter elkaar, dit is veel effectiever dan meerdere malen kort sproeien.Minimaal 6 mm per keer is meestal voldoende voor een hele week.

Pot en kuipplanten hebben meestal iedere dag water nodig, soms zelfs twee maal per dag met erg warm en winderig weer.
Ze houden echter niet zo van koud water op hun voeten. Dus geef het liefst water uit een regenton of gieter die al een dagje staat.

Met name gewassen als tomaten, komkommers en meloenen, etc. krijgen eerder last van rot als U ze koud water geeft. Bij deze planten kunt U het water ook beter niet bij de wortelhals geven, maar in een ingegraven bloempot naast de plant.

 

Deze mooie achtergrond is gemaakt
 door Jean Brandhoff met het
fantastische programma psp.

 

Index Bloementuin Groentetuin Maanden Boeken
Tuinen Ongedierte Boeketten Tips & Trucs De Vijver
Eenjarige Rozen Zaaien en stekken Hanging Baskets Klei en Zand
Kerst 1 Kerst2 Pasen Oudejaar Dec.Agenda
Agenda 2001 Pompoenen Theedrinken Balkons Bloembollen
Applets Links Vriendenlinks Awards Gastenboek